Nieuwjaarstoespraak DUPAN-voorzitter

Tijdens de nieuwjaarsreceptie van DUPAN op de campus van de Wageningen University & Research, blikte voorzitter Alex Koelewijn terug op afgelopen jaar en keek hij vooruit naar de uitdagingen in 2023. Hieronder lees je de integrale tekst van zijn toespraak.

“Wat fijn om elkaar weer in levenden lijve te kunnen treffen. Vorig jaar keken jullie nog naar een videotoespraak van mij. Dat had natuurlijk ook voordelen: die kon je doorspoelen of uitzetten. Deze keer zul je de hele rit moeten uitzitten… Maar hoe dan ook, ik ben blij dat jullie hier allemaal weer zijn!

Net als 2020, 2021 was 2022 weer een bijzondere jaar. 

Net voor Kerst 2021 kwam er weer een lockdown vanwege Corona. Wat waren we allemaal opgelucht toen in februari 2022 de horeca openstelling met coronatoegangsbewijs weer een teruggang naar het normale leven leek te betekenen.

Wat hoopvol begon werd woest verstoord toen Rusland op 24 februari besloot tot een inval in buurland Oekraïne. Voor de bewoners van dat land heeft die oorlog veel menselijk leed als gevolg.

We weten allemaal welke gevolgen die oorlog hier tot op de dag van vandaag heeft. Van gigantisch gestegen energie-, en brandstofprijzen, onderdelen die ineens niet te leveren zijn, tot een ontregeling van handelsstromen. Die zagen we niet aankomen.

Gelukkig was 2022 voor het dier waar het ons allemaal om gaat, de paling, wél een goed jaar.

  • De aankomst van glasaal liet in vooral in zuid Europa een sterke stijging zien.
  • In het spreekwoordelijke veld namen de aantallen waargenomen palingen toe.
  • Daarnaast werd er weer veel volwassen schieraal over de dijk geholpen.
  • En de minister sprak in de Tweede kamer over het succes en de noodzaak van Paling over de Dijk als tijdelijke oplossing van het migratieprobleem.

Hier in Wageningen boekte het onderzoek naar de voortplanting in 2022 opnieuw voortgang. Inmiddels zijn er bouwkundige aanpassingen gemaakt in het onderzoekslaboratorium waarmee de larven een heel eigen “zwemvijver” krijgen voor betere onderzoeksmogelijkheden. Via het Eel Stewardship Fund investeert de sector sinds 2016 in deze samenwerking met Wageningen Universiteit, die op haar beurt in dit onderzoek samenwerkt met een groot aantal buitenlandse universiteiten.

2022 werd ook het jaar waarbij het “onzichtbare” waarde kreeg.

Stikstofbeleid zorgt in de agrosector voor grote problemen; boeren en vissers moeten wijken voor groei van andere sectoren. Boerenbedrijven staan na generaties ineens stil. Vissers worden van zee verdreven omdat visgronden ingenomen worden door industriële energieparken. Nood en wanhoop in die sectoren worden veroorzaakt met een beleidsonderbouwing die gebaseerd is op cijfertjes en schattingen.

De afstand tussen overheid en de mensen die het treft is nog nooit zo groot geweest. Rij je over een provinciale weg dan zie je de noodkreten van de mensen die geraakt worden. Omgekeerde Nederlandse vlaggen beheersen het beeld. Het is een duidelijk signaal aan Den Haag dat er grenzen worden bereikt. Die grens overschrijden lijkt mij geen slim beleid, want boeren en vissers staan beiden heel dicht bij de o zo belangrijke natuur. Ik wil jullie meegeven dat het woord “boerenverstand” er niet zomaar is gekomen. Meer betrokkenheid van sectoren bij het plannen van beleid voor sectoren is noodzaak.  Het afgelopen jaar heeft ons geleerd dat de overheid niet zomaar een “kaartje” over de schutting kan gooien.

Er mag geen systeem ontstaan waarbij cijfertjes en papier leidend zijn. Zo wordt er een kloof tussen beleid en werkelijke waarnemingen gegenereerd.

Er zijn dus systemen en berekeningen die het zo ondoorzichtig maken dat niemand meer begrijpt welke kant het op moet. Burgers niet, boeren niet en vissers niet.

Er is een grote behoefte aan langjarige duidelijkheid over de regelgeving. Dus niet elk jaar nieuwe regels en voorschriften die leiden tot een jaarlijks terugkerend gevecht om het bestaansrecht van ambachtslieden die voor ons voedsel zorgen.

Ik doe hier een oproep aan iedereen: denk na over het belang van proteïne en voedselzekerheid.

Dat geldt ook voor de paling.

IUCN spreekt over een met uitsterven bedreigde soort. Terwijl de paling voor die classificatie niet eens aan de IUCN-richtlijn voldoet. IUCN veroordeelt de paling dus rücksichtsloos tot een met uitsterven bedreigde soort.

Raadgevend orgaan ICES wil op haar beurt nog altijd terug naar de pre-antropogene stock. De hoeveelheid paling in de natuur toen de mens nog geen invloed op het leefgebied had. Hoe dan?

Ik ga op beiden, IUCN en ICES, even wat dieper in.

De paling, het oerdier dat sinds de krijttijd op deze aardkloot rondzwemt, komt elk jaar weer met zo’n 1,45 miljard nakomelingen aan de randen van het leefgebied. Toch zet IUCN de paling twee treden hoger op hun ladder van bedreiging dan de reuzenpanda. De panda, een mooie knuffelbare beer, die niet bepaald bekend staat om zijn voortplantingsdrang… Twee treden hoger op de ladder van uitsterven, ondanks een al meer dan twee decennia stabiel bestand. Het brengt een gewone sterveling tot vragen.

Ik heb in de afgelopen 12 jaren heel wat wetenschappers mogen ontmoeten, maar geen van hen heeft mij kunnen uitleggen waarom de paling, die jaarlijks 1,45 miljard nakomelingen heeft, op het lijstje met uitsterven bedreigde soorten hoger scoort dan de panda. De enige genoemde reden waarom hij die classificatie krijgt, is “uit voorzorgsprincipe”

Maar waarom dan? 1,45 miljard jongen die jaar op jaar weer aan de kust van het leefgebied komen. 1,45 miljard dat is eenduizend 450 miljoen. Of wel 1.450 met nog eens 6 nullen erachter!

Met uitsterven bedreigd! Of moeten we zeggen: met uitsterven bedreigd?

Die twee woorden “uitsterven en bedreigd” zijn de reden achter alle maatregelen die er genomen worden. Let wel, met het voorzorgsprincipe is niks mis, maar ik vraag me wel af of in blinde paniek blijven hangen aan de noodrem van het voorzorgsprincipe een werkelijke stijging van het palingbestand zal veroorzaken.

En dan is er het ICES-advies 2022.
Dat was ook dit jaar weer gebaseerd op de cijfers van het jaar ervoor. Geen woord over stijgende trend bij de aankomst van glasaal in de afgelopen 10 jaar. Nee, verre van dat. ICES blijft paling bekijken als een zeevis en blijft het huidige bestand vergelijken met een toestand van bijna 65 jaar geleden. Het begint te lijken op continue recitatie. Het ICES-advies voor 2022 was “alles moet naar nul, want de paling sterft anders uit”. Alles naar nul? Ja, alles! Alle visserij en ook alle invloed van dammen, dijken en waterkrachtcentrales.

Dus trek de plug maar uit Nederland en laat alles onder lopen, dan is het probleem zo opgelost. Dat is het ICES-advies 2022, waarbij de wetenschappers van ICES de palingstand van 1960 als uitgangspunt nemen.

Bijna 65 jaar geleden… Voor wie het vergeten is; waterbouwkundig zag het landschap er toen heel anders uit. Ook werden in die tijd jaarlijks tonnen glasaal in de binnenwateren uitgezet. Dat zorgde gegarandeerd voor een hoge palingstand en een grote hoeveelheid uittrekkende schieraal. Invloed die nooit is meegenomen in al die cijfertjes. De vraag die je met een gerust hart mag stellen is: hoe losgezongen van de werkelijkheid is zo’n ICES- advies? Het Europese beleid wordt bepaald met ICES-advies. Ik heb het vorig jaar ook al zo genoemd en doe het nog maar een keer: het is “najagen van wind”.

Hoe dan ook, met het ICES-advies 2022 in de hand, koos de EU onder leiding van Eurocommissaris Sinkevičius ervoor om de palingvisserij in de wateren van het Gemeenschappelijk Visserijbeleid drie extra maanden te sluiten. Dit besluit werd afgedwongen op een manier waarbij de grenzen van ware democratie werden opgezocht. Wel hebben de lidstaten voldoende mogelijkheden gekregen om te zorgen dat in de Aalherstelplannen opgenomen herbevolking mogelijk blijft en de leefbaarheid van visserijen zoveel mogelijk wordt behouden.

Verder constateer ik dat er belanghebbenden zijn die vasthangen aan vooringenomen posities, principieel niet willen bewegen en hartgrondige tegenstanders zijn van palingconsumptie. Ze roepen de paling te willen redden, maar gaan elke inhoudelijke discussie uit de weg. Om vervolgens te pleiten voor een algeheel vangstverbod, zonder de consequenties daarvan te beseffen. DUPAN pleit al jaren voor traceerbare, beperkte, gecontroleerde benutting.

We hebben gezien dat na 2009 door de instelling van beschermende maatregelen via de Aalverordening de palingstand niet daalt en zelfs toeneemt.

Zolang het leefgebied, dat de mens gestolen heeft van de kikkers en vissen zoals de paling, er niet meer is of op zijn gunstigst niet meer toegankelijk is, zolang daar niks aan verandert, zal de palingstand niet gróóts toenemen.

Ik heb er in het verleden al voor gepleit en doe het nog maar een keer: wetenschap, bepaal alstublieft hoeveel paling er in de vrij toegankelijke wateren leeft en kán leven, totdat de biologische draagkracht is bereikt.

Afijn, afgelopen jaar was er een met een mix van veel positief nieuws, maar zeker ook met minder goede ontwikkelingen. Redenen genoeg om met frisse moed aan het nieuwe jaar te beginnen. We zouden DUPAN niet zijn, als we de handen weer ouderwets uit de mouwen steken.

De paling in Europa verdient onze continue inzet om hem te beschermen en de palingstand te verbeteren en bovenal aandacht te blijven vragen voor toegankelijk leefgebied.

Of je nu voorstander of tegenstander bent van palingconsumptie, niemand wil dat de allerlaatste paling uit het water wordt gevist. Dat zal overigens ook niet gemakkelijk worden als er elk jaar een kleine 1,5 miljard bijkomen, maar dat daargelaten. Iedereen doet enorm zijn best, werkt ongelofelijk hard. Maar misschien te veel op hun eigen “eiland”. Wanneer je vanuit één perspectief naar materie kijkt, loop je het risico de dingen niet op de juiste manier te zien. Zeker als de belangen zo groot zijn, is het goed om dingen samen te doen. Met reële gegevens kom je tot realistische inzichten, waar ook nog eens begrip voor is.

Samen met de WUR gaan we vanaf 2023 kijken naar en werken we samen aan de monitoring van paling, waarbij de ervaringen uit de praktijk worden meegenomen.

Dan over Paling Over De Dijk: met het advies van onze vorige minister in de hand, gaan we samen met waterbeheerders kijken hoe we het programma Paling Over De Dijk kunnen opschalen, zodat we op nog meer plaatsen in Nederland palingen veilig langs de migratiebarrières kunnen helpen.

DUPAN is en blijft pleitbezorger voor beheerste en gecontroleerde visserij, met oog voor het zelfherstellend vermogen van de natuur en een gezonde, stabiele palingpopulatie. DUPAN zet in 2023 in op verdere verbetering van de SEG-certificering. De Nederlandse palingsector, die is aangesloten bij DUPAN, loopt qua certificering in Europa voorop. De SEG-Standaard maakt de gehele visserij op glasaal, de kweek én de handel verantwoord en transparant. De SEG-Standaard is het sterkste wapen in de strijd tegen illegale handel in glasaal, zo is ook afgelopen jaar weer gebleken door de vele arrestaties en inbeslagnames van Schiphol tot in de hoeken van Europa.

Een fraai hoogtepunt, dat op korte termijn alweer staat te gebeuren, is de uitzet van miljoenen jonge palingen. DUPAN coördineert deze herbevolking met SEG-gecertificeerde glasaal, zodat de inname en uitzet van al die jonkies gegarandeerd gebeurt met het beste rendement voor de natuur. Glasaal die, volgens de láátste cijfers, in zéér grote hoeveelheden voor de Kusten van Frankrijk is waargenomen.

Ik ga afsluiten.

Dat doe ik door namens het hele DUPAN bestuur de wens uit te spreken dat we, samen met iedereen die de paling een warm hart toedraagt, naar haalbare doelen gaan streven, waarbij beschikbaar leefgebied én biologische draagkracht de kernwaarden zijn.

Vanuit dát warme hart wens ik jullie een voorspoedig, gelukkig en bovenal een gezond en palingrijk 2023.”

 

 

Oer-Hollandse paling tijdens de Dutch Food Week

Vrijdag 7 oktober waren DUPAN en netVISwerk vertegenwoordigd tijdens de manifestatie van DutchFoodWeek in ‘s-Hertogenbosch. Een traditionele palingroker liet de bezoekers genieten van oer-Hollandse, ambachtelijk gerookte paling. DUPAN en netVISwerk informeerden over hun aanpak om de palingstand. Zie hier voor een beeldimpressie: https://bit.ly/3T7DwvP

Dutch Food Week gaf op 7 oktober het startsein van de week met ‘Voorproeven op de Markt’. In ‘s-Hertogenbosch gingen duizenden bezoekers in gesprek met boeren, telers, tuinders en vissers, nam presentator Jochem van Gelder voorbijgangers mee in de wereld van gezond en lekker eten en deden fijnproevers mee aan een proeverij of kookdemonstratie. Van 8 tot en met 15 oktober vraagt Dutch Food Week aandacht voor lekker, gezond en duurzaam voedsel uit Nederland.

Dutch Food Week vroeg boeren, tuinders, vissers, telers en haar partners om tal van innovatieve, educatieve en traditionele (food)concepten te presenteren op de Bossche Markt. Voorzitter Dirk Duijzer benadrukt het belang van Dutch Food Week: “’s-Hertogenbosch is een prachtige locatie om de koppeling te maken naar alle delen van ons land waar in de komende week aandacht wordt gevraagd voor de kwaliteit en toekomstbestendigheid van ons voedsel. We willen met de Dutch Food Week alle schakels in de foodketen bij elkaar krijgen, dat ze met elkaar praten. Al die schakels zijn ontzettend van belang en allemaal hebben zij innovatie nodig.”

 

 

EU-adviesraad eensgezind over huidig aalbeheer

Ministers EU-lidstaten adviseren geen verdere visserijmaatregelen

Op maandag 26 september 2022 kwamen de visserijministers en afgevaardigden van de Europese lidstaten in Brussel bijeen om de “Toekomst voor het Europese palingbestand en degenen die daarvan afhankelijk zijn” te bespreken. De ministers concludeerden dat er meer moet worden gedaan om de paling beter te beschermen, waarbij met name niet-visserij gerelateerde maatregelen, zoals opgenomen in de EU aalverordening, beter doorgevoerd moeten worden. Er moet dus niet alleen naar de visserij worden gekeken, maar vooral naar migratieproblematiek, habitatverlies, waterkrachtenergie en vervuiling als belangrijke factoren voor de gezondheid van de palingstand.

Naar aanleiding van de jaarlijkse vangstaanbeveling van ICES heeft de Europese Commissie in het voorjaar van 2022 advies gevraagd aan de drie EU-adviesraden: de Baltische zee, de Noordzee en de Middellandse Zee. De Commissie gaf bij monde van Eurocommissaris Virginijus Sinkevičius aan dat bij het vaststellen van maatregelen voor verbetering van de palingstand rekening moet worden gehouden met visserij-, ecologische en sociaal-economische aspecten.

De ministers waren eensgezind over een – zo werd veel genoemd –holistische aanpak van de problematiek. Die aanpak moet er volgens hen op gericht zijn om maatregelen voor de paling te treffen, waar zowel de mens, de economie als de natuur baat bij hebben. Een algemeen visserijverbod werd alleen genoemd door Ierland en Slovenië, twee landen zonder palingtraditie die zo’n verbod jaren geleden al hebben ingevoerd. De andere lidstaten daarentegen, zien een algeheel visserijverbod niet als de oplossing voor de complexe problemen die de implementatie van de EU-palingverordening met zich mee brengt.

Stichting DUPAN, de sectororganisatie van de beroepsvissers (netVISwerk), de kwekers (NeVeVi) en de handel (NeVePaling) vindt dat de reactie van de EU-lidstaten de visie van de sector goed weerspiegelt. DUPAN-voorzitter Alex Koelewijn zegt: “De toestand van de palingstand is nog steeds zorgwekkend en we moeten ons blijven inzetten om de paling goed te beschermen. Een alles omvattende en integrale benadering die rekening houdt met alle habitats en levensfasen, evenals alle sterftefactoren, is weliswaar complex, maar van groot belang. De oproep van de ministers om de beoordeling van palingstand niet meer te relateren aan de biomassa van uitrekkende schieralen, maar aan de sterftecijfers van de verschillende en dus ook niet-visserij-oorzaken, is een bevredigend antwoord op ons pleidooi dat we al ruim tien jaar houden.”

DUPAN  ziet dat de EU-lidstaten hun denken over effectieve beheermaatregelen hebben bijgestuurd. Koelewijn: “In het verleden richtten de meeste lidstaten zich op het terugdringen van de sterfte door visserij, waarbij men gemakshalve voorbij ging aan de belangrijkste oorzaken van de achteruitgang van de bestanden, zoals het verdwijnen van habitat en migratieproblematiek. Hopelijk leidt dit nieuwe inzicht tot het vooral consequent doorvoeren van de huidige EU Aalregulering in alle lidstaten. Die is volgens diezelfde lidstaten fit-for-purpose, maar dan moet je wel alle maatregelen uitvoeren en niet alleen de visserij beperken.”

Uitzet honderdduizenden jonge palingen

In Zeeland zijn vrijdag 20 mei 170.000 jonge palingen uitgezet. Beroepsvissers zetten de piepkleine palinkjes uit in het Grevelingenmeer. Op de kade werden ze gewogen en geteld, waarna ze in de natuur zijn vrijgelaten onder toeziend oog van een vertegenwoordiging van politici en beleidsmakers van de EU, die de uitzet financieel mogelijk maakte.

De jonge palingen, ook wel pootaaltjes genoemd, waren afkomstig van een Nederlandse kwekerij waar ze enkele maanden in quarantaine zijn geweest om aan te sterken. Ze begonnen hun leven in de riviermondingen van Frankrijk als geheel doorzichtige glasaaltjes, nadat ze 6.000 kilometer verderop in de Sargassozee (Bermudadriehoek) werden geboren. In totaal worden er in Nederland 340.000 van deze pootaaltjes uitgezet.

EU-delegatie, woordvoering
Bij de uitzet was een delegatie politici en beleidsmakers uit Brussel aanwezig. Voor de aankoop van de jonge paling is steun verleend vanuit het Europees Maritiem, Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF). Het doel is om zodoende de uittrek van schieraal te verhogen, in lijn met de doelstellingen uit de Europese Aalverordening en de nationale implementatie daarvan via het Aal Beheer Plan.

Waarom er jonge paling wordt uitgezet

Paling kent een bijzondere levenscyclus. Palinglarven worden geboren in de Sargassozee (Bermudadriehoek). Na een reis van 6.000 km komen ze als glasaal aan bij de Europese kusten om op te groeien in de binnenwateren. Maar de kusten zijn ondoordringbaar voor de jonge palingen. Daarom wordt een deel van de glasaal die zich in Frankijk aan de kust massaal ophoopt, elders in Europa uitgezet, als glasaal of als pootaal.

Dit voorjaar worden er op verschillende plaatsen in Nederland jonge palingen uitgezet in door de overheid geselecteerde gebieden die voor herbevolking zijn geschikt. Wanneer de jongen tot volwassen palingen (zogenaamde schieralen) zijn uitgegroeid, kunnen ze vanuit die gebieden vrijuit naar de Atlantische Oceaan zwemmen om in de Sargassozee voor nageslacht te zorgen. Vanaf 2011 neemt de hoeveelheid jonge paling aan de Europese kusten weer toe (ICES-rapport 2021), na decennia van achteruitgang.

Deze uitzet wordt mede mogelijk gemaakt door het Ministerie van LNV. Voor de aankoop van glas- en pootaal is steun verleend vanuit het Europees Maritiem, Visserij en Aquacultuur Fonds (EMVAF). Het wordt medegefinancierd door het Eel Stewardship Fund (ESF®) en gecoördineerd door Stichting DUPAN. In deze stichting werken palingkwekers, palingvissers en palinghandelaren samen om het herstel van de palingstand in Nederland te bevorderen. Naast het herbevolken van Nederlandse wateren met jonge paling, investeert de stichting vanuit het ESF-fonds in het over de dijk helpen van geslachtsrijpe paling en in gericht wetenschappelijk onderzoek.

Europees Fonds voor
Maritieme Zaken en Visserij

De BRU 20 is volgeladen en klaar voor vertrek

 

Glasaalquotum meer in lijn gebracht met marktvraag

De Franse overheid heeft het totale vangstquotum voor glasaal vastgesteld op 57,5 ​​ton voor zee- en riviervissers, waarvan 34,5 ton voor herbevolking. Het nieuwe quotum is een vermindering van 11,5% ten opzichte van het voorgaande seizoen. Volgens DUPAN is dat een positieve ontwikkeling.

Stichting DUPAN liet zich al eerder kritisch uit over de hoogte van het Franse quotum, dat in haar ogen niet in lijn is met de vraag vanuit de markt. De hoeveelheid glasaal die beschikbaar is voor uitzet, oversteeg al enkele jaren de hoeveelheid die nodig is om aan de natuurbeheerdoelstellingen te voldoen. Alex Koelewijn, voorzitter van DUPAN stelt daarover: “Wanneer het quotum hoger ligt dan de feitelijke vraag, dan moet de gevangen vis ergens naar toe. In voorgaande jaren hebben we gezien dat China dan de vermoedelijke eindbestemming is. Een te hoog quotum werkt smokkel in de hand. Daarom zijn wij blij dat de Franse overheid het quotum nu naar beneden bij stelt.”

Vanaf 2014, toen de glasaalintrek een explosieve stijging liet zien, is het Franse quotum telkens naar boven bijgesteld. Na 2014 was er van een dergelijke stijging echter geen sprake. De meerjarige glasaaltrend is nog steeds stijgende, gemeten vanaf 2011. De stijging van het quotum was echter sterker en daardoor niet meer in lijn met de jaarlijkse aanwas.

Alex Koelewijn: “We zien dat in de visserij en ook heel sterk bij de natuurorganisaties; men verwacht of hoopt of wil dat de intrek maar door blijft stijgen. De realiteit is echter anders. Die is net zo grillig als de natuur. De intrek stijgt flink, daalt dan weer wat, stijgt weer, daalt weer. Waar het om gaat is dat de meerjarige trend een stijgende lijn vertoont. En dat is wat wetenschappers sinds 2011 zien. Met een realistische afstemming tussen quota en beheerdoelstellingen kan dat alleen maar beter gaan.”

Het besluit van de Franse ministers van zeevisserij en zoetwatervisserij is gelijk aan het advies van het wetenschappelijke comité dat de jaarlijkse glasaalintrek beoordeelt.

Glasaal quotum in frankrijk aangepast

8/10 Vakmanschap en rentmeesterschap

De 10 geboden van DUPAN: deel 8 van 10

DUPAN bestaat dit jaar 10 jaar. In het kader daarvan kijkt DUPAN terug op 10 jaar samenwerking; in Nederland, in Europa, door de overheid, wetenschap, natuurorganisaties en de sector. 10 jaar waarin de wereld rondom paling veranderde van ‘onwetend’ naar ‘bewust’ en waarin met vereende krachten veel werd bereikt.

Vakmanschap en rentmeesterschap

“Er is helemaal niet zo veel bereikt met de EU Aalverordening”, zo veel zegt de een, vaak zonder enige vorm van onderbouwing. “Veel meer dan we redelijkerwijs hadden kunnen verwachten in 10 jaar tijd”, zegt de ander. Een vooraanstaand prediker van die laatste stroming onderbouwt zijn stelling wel; Dr. Willem Dekker prees de internationale samenwerking in zijn toespraak tijdens het  palingcongres het Duitse Potsdam in maart 2020: “we hebben een klein wonder verricht”, aldus Dekker.

Ook ICES onderkent de resultaten van de internationale samenwerking vanaf 2009, in haar laatste rapport en ziet een significante stijging in de aanwas van jonge paling. En de Europese Commissie? Zij concludeert in haar evaluatie uit april 2020 dat de Aalverordening voldoet, maar dat de uitvoering aanzienlijk moet worden verbeterd, vooral als het gaat om niet-visserij gerelateerde sterfte, die door mensen wordt veroorzaakt. Daarmee doelen zij vooral op de geblokkeerde migratieroutes van paling door dammen, sluizen, waterkrachtcentrales en gemalen.

Nóg meer plannen, of de handen uit de mouwen?

In februari 2020 maakte CMS (Convention on the Conservation of Migratory Species of Wild Animals) van de VN bekend dat zij een actieplan voor paling gaan opstellen. De organisatie werkte al jaren aan een deelverdrag voor paling, maar dat strandde omdat dit te veel leek op de – u raadt het al – EU Aalverordening. Daarom is besloten een en ander minder ambitieus in te steken en een actieplan op te stellen. Dat moet over drie jaar klaar zijn. Het valt natuurlijk te prijzen dat CMS plannen maakt om meer werk te maken van de geblokkeerde migratieroutes. Precies zoals de EU-commissie dat in april al duidelijk stelde. Maar goed, dubbel genaaid houdt beter.

DUPAN  denkt dat er onderhand wel genoeg plannen zijn en steekt liever de handen uit de mouwen. De sector investeert daarom in het langs de migratiebarrières helpen van volwassen paling, het uitzetten van jonge paling en wetenschappelijk onderzoek naar effectieve beheermethoden. Dat doen we met vakmensen die dagelijks bij paling in de natuur betrokken zijn, zoals vissers en wetenschappers, zodat alle inspanningen met de best beschikbare kennis worden uitgevoerd.

Óns uiteindelijke doel? Een goede aalstand, die verantwoord wordt beheerd, door beperkte, gecontroleerde en transparante benutting, binnen de grenzen van de natuurlijke draagkracht. Zoals het goede rentmeesters betaamt.

7/10 Gij zult niet stelen…

De 10 geboden van DUPAN: deel 7 van 10

DUPAN bestaat dit jaar 10 jaar. In het kader daarvan kijkt DUPAN terug op 10 jaar samenwerking; in Nederland, in Europa, door de overheid, wetenschap, natuurorganisaties en de sector. 10 jaar waarin de wereld rondom paling veranderde van ‘onwetend’ naar ‘bewust’ en waarin met vereende krachten veel werd bereikt.

Gij zult niet stelen…

In februari 2019, tijdens een stakeholders meeting (moeilijk woord voor een bijeenkomst van mensen die een belang met je delen) over het internationale perspectief op aalbeheer, trapte DUPAN-voorzitter Alex Koelewijn af met de ‘10 geboden van DUPAN’. Daarin stelde hij als ‘7e gebod’ dat 25% van de jaarlijkse aanwas van glasaal naar China wordt gesmokkeld. Hij deed daarbij de emotionele oproep: “Stop de steeds groter wordende glasaal-plundering door de Chinezen.”

De bijeenkomst was georganiseerd door de GoodFish Foundation, in samenwerking met DUPAN. Koelewijn adresseerde het smokkelprobleem zo nadrukkelijk voor dit gezelschap, omdat wetenschap, NGO’s, de sector en autoriteiten zullen moeten samenwerken, willen we succesvol zijn in de aanpak ervan. DUPAN sprak in november 2015 haar grote zorg uit over de steeds maar toenemende illegale handel en vroeg bij de internationale toezichthouders van CITES om strikte maatregelen. Vanaf dat moment kwamen de autoriteiten steeds vaker in actie om de smokkelaars te dwarsbomen. Maar de schaalgrootte is inmiddels dusdanig, dat alleen via internationaal gecoördineerde acties nog successen geboekt kunnen worden in de bestrijding. Het lijkt echter dweilen met de kraan open te zijn. Vergelijk het maar met cocaïnesmokkel, je bestrijdt de symptomen, maar bij de bron kom je nauwelijks in de buurt.

Hoe kunnen we de internationale criminaliteit stoppen?

Florian Stein, director of Scientific Operations van de Sustainable Eel Group (SEG) presenteerde tijdens die bewuste bijeenkomt zijn onderzoek naar de georganiseerde criminaliteit. De uitkomsten daarvan waren op zijn zachts gezegd ontluisterend. Koelewijn zat er dichtbij met zijn 25%. Volgens Stein’s onderzoek gaat het om 23% van alle jonge paling die aan onze kusten aankomt, die wordt gesmokkeld naar China. Ter illustratie: de gehele Europese consumptiemarkt gebruikt maar 4% van datzelfde bestand aan jonge paling.

SEG betitelt de smokkel inmiddels als ‘worlds biggest wildlife crime’. Maar kunnen we het tij keren? Wat moet er gebeuren om deze enorme zwendel uit te bannen?

In 2010, toen de contouren van de smokkel naar China zichtbaar werden, kwam de sector in Nederland in contact met de Sustainable Eel Group. Voor Nederland was het Eel Stewardship Fund opgericht (toen nog het Duurzaam Paling Fonds). Een fonds dat er speciaal op was gericht om de palingstand te helpen verbeteren. Het bleek al snel dat er door het uitbannen van glasaalsmokkel veel natuurwinst te behalen valt. Traceerbaarheid van paling werd dan ook al snel een van de speerpunten in de ontwikkeling van de SEG Standard. De redenering was even eenvoudig als steekhoudend; als je elke paling (batch) kunt traceren van visserman tot bord, is smokkel praktisch niet meer mogelijk.

Als palingproducten in de markt verkrijgbaar zijn met een officiële certificering, wordt het smokkelaars heel lastig gemaakt om hun handel in te kopen en te verplaatsen, zonder dat dit traceerbaar is. Wanneer door een dergelijke ‘eenvoudige’ oplossing de druk op het glasaalbestand verlaagd kan worden van 27% naar 4%, is er veel bereikt voor de toekomst van onze paling.

Inmiddels is de oorlog tegen de smokkelaars in volle gang. De Sustainable Eel Group en onderzoeker Florian Stein werken het jaar rond aan het sluitend krijgen van gegevens en bewijsmateriaal om de internationale netwerken bloot te leggen. Onlangs verscheen het World Wildlife Crime Report van de United Nations Office on Drugs and Crime. In dat rapport wordt met medewerking van Florian Stein uitgebreid gerapporteerd over de stand van zaken van de glasaalsmokkel.

Eel Stewardship Fund steunt de oplossing

De sector nam in 2010 het voortouw om de gehele keten van palingvangst, -handel en -verwerking transparant en traceerbaar te maken. Als we met verstand omgaan met de natuurlijke voorraden, kunnen we ook in de verre toekomst blijven genieten van paling en de eeuwenoude palingcultuur. Door werk te maken van deze Chain of Custody, kunnen we concreet en substantieel iets doen aan de smokkel.

Het Europese fonds dat palingprojecten in verschillende landen in Europa ondersteunt met geld van de sector, blijft daarom ook in de huidige crisestijd het onderzoekswerk van SEG en Florian Stein steunen. Hoe eerder een certificeringsstandaard breed kan worden ingevoerd en hoe nauwkeuriger de criminele netwerken in kaart worden gebracht, des te eerder kan de diefstal van Europese paling worden voorkomen.

Sustainable Eel Group is voorvechter tegen illegale handel

De SEG, de vooraanstaande Europese groep van wetenschappers, natuurorganisaties en de sector, maakt zich vanaf 2010 sterk om de illegale handel in paling tegen te gaan. Met een gecommitteerd team hebben zij vele onderzoeken uitgevoerd en de problematiek aanhangig gemaakt bij Europol en Interpol. Alles over de werkzaamheden van de Sustainable Eel Group en hun strijd tegen de georganiseerde criminaliteit, vindt u hier: https://www.sustainableeelgroup.org/illegal-trafficking/

6/10 Natuurbeheer is een belangrijk doel bij de uitzet van paling

De 10 geboden van DUPAN: deel 6 van 10

DUPAN bestaat dit jaar 10 jaar. In het kader daarvan kijkt DUPAN terug op 10 jaar samenwerking; in Nederland, in Europa, door de overheid, wetenschap, natuurorganisaties en de sector. 10 jaar waarin de wereld rondom paling veranderde van ‘onwetend’ naar ‘bewust’ en waarin met vereende krachten veel werd bereikt.

Natuurbeheer is een belangrijk doel bij de uitzet van paling

De 30% visserij die na de ingevoerde beperkingen over is zal, mits goed beheerd, een belangrijke bijdrage zijn aan monitoring, herbevolking met jonge palingen, Paling Over De Dijk van volwassen palingen en daarmee aan natuurherstel. Het zijn de beroepsvissers, die met hun materieel en hun eeuwenlang opgebouwde kennis, zorgvuldig uitvoering geven aan de vele projecten en zo de natuur een handje helpen. Elk voorjaar worden er miljoenen jonge palinkjes in Nederland uitgezet. Die herbevolking lukt alleen met de kennis van de vissers.

Heeft jonge paling uitzetten wel nut?

Daar kunnen we kort over zijn; Ja! Jonge paling hoopt zich bij de riviermondingen in Engeland en Frankrijk massaal op. Ze kunnen niet landinwaarts trekken naar het zoete water om op te groeien, want de kusten zijn hermetisch afgesloten. Als we ze daar niet opvangen, verdwijnen ze in de magen van grotere vissen of vogels. Door ze elders in Europa in het zoete water te zetten, in gezonde opgroeigebieden, geven we de palingstand een impuls en zorgen we ervoor dat de jaarlijkse schieraal-uitrek naar zee op den duur kan toenemen. Zo wordt bijvoorbeeld in de gezonde waterboezem van Friesland elk jaar de maximale hoeveelheid jonge palinkjes uitgezet. De natuur heeft biologisch gezien zijn grenzen, vandaar dat er niet verder wordt gegaan dan het jaarlijkse maximum aantal palingen per hectare leefgebied. Maar er wordt daar door beroepsvissers ook gevist. Juist in Friesland is de visserij op paling streng gereguleerd met een vangstquotum. Met een dergelijk systeem neemt de palingstand versneld toe en daarmee ook de hoeveelheid volwassen paling die naar zee trekt. En dat laatste is het doel van alle herbevolkingsprojecten met paling.

De Sustainable Eel Group publiceerde een positioning paper over het nut en de noodzaak van het uitzetten (restocking) van jonge paling.

Niet alleen jonge, maar ook volwassen paling helpen

Het naar geschikt opgroeigebied brengen van jonge palingen is in Nederland goed georganiseerd. Herbevolken gebeurt alleen in geselecteerde gezonde wateren, vanwaar de paling als ze volwassen is een goede mogelijkheid heeft om naar zee te kunnen zwemmen. We voldoen niet alleen aan de richtlijnen van de EU Aalregulering, maar we doen nog meer dan dat. Europa verplicht deelstaten alleen om jonge paling uit te zetten. Nederland wierp zich in 2012 echter al op als gidsland, door ook volwassen palingen over de dijk naar zee te helpen. De migratie van paling is immers cyclisch; in het vroege voorjaar willen de jonkies naar zoet water. In het najaar vertrekken volwassen schieralen juist naar zee. Waarom de jonkies wel helpen, maar de volwassenen voor dezelfde dichte deuren laten? Daarom zijn er op diverse knalpunten in Nederland Paling Over De Dijk projecten, waarbij waterbeheerders, beroeps- en sportvissers samenwerken om volwassen palingen te helpen de zee te bereiken.

Uitzetten van paling geeft een directe impuls

Het herbevolken met jonge paling zorgt voor een directe impuls voor de palingstand. Het over de dijk helpen van volwassen paling heeft een indirect effect; na ongeveer 2 jaar zorgt dit met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid voor meer jonge paling aan de Europese kusten. Elke geredde schieraal zorgt in potentie voor 1 tot 4 miljoen larfjes. De precieze effecten weten we niet; het wetenschappelijk onderzoek dat het bewijs moet leveren is er niet, en komt er voorlopig ook niet vanwege de enorme complexiteit (zie opnieuw het positioning paper van SEG). Maar dat betekent natuurlijk niet dat we op onze handen moeten gaan zitten. Want wat we wel zien is dat, twee jaar nadat al die maatregelen om de paling te beschermen zijn genomen, de aankomst van jonge palingen (glasaaltjes) een stijgende trend vertoont. Hoewel het effect van herbevolking niet wetenschappelijk is vastgesteld, kunnen we wellicht vertrouwen op het spreekwoordelijke boerenverstand.

Besef wel, menselijke hulp voor de paling is een tijdelijke maatregel

Hoe goed het uitzetten als maatregel ook is, het is niet de ultieme oplossing om de paling in Nederland en Europa te helpen. Dat is het herstel van de migratieroutes, ofwel ervoor zorgen dat jonge paling zelfstandig het zoete water kan bereiken, veilig langs barrières als waterkrachtcentrales en gemalen kan zwemmen en als ze volwassen is, de kustwateren weer kan bereiken. Maar zolang dat nog niet is geregeld (gezien de kosten om alle hindernissen aan te passen zal het nog wel een aantal decennia duren), blijft menselijke hulp voor de paling, zoals uitzetten of herbevolking, een uitstekende tijdelijke oplossing.