Palingonderzoek Wageningen University & Research verder uitgebreid

Het palingonderzoek in Wageningen wordt in 2017 verder uitgebreid. Wageningen University & Research heeft een publiek private samenwerking gesloten binnen de Topsector Agri&Food met Stichting Duurzame Palingsector Nederland (DUPAN), het Ministerie van Economische Zaken en private partijen. Doel is om de kweek van paling zonder gebruik van glasaal uit de natuur mogelijk te maken. Internationale samenwerking tussen palingonderzoekers binnen het Eel Reproduction Innovation Centre (EELRIC) helpt om het palingonderzoek in een stroomversnelling te krijgen.

Wageningen University & Research heeft de afgelopen twee jaar in samenwerking met Stichting DUPAN en het Ministerie van Economische Zaken een onderzoeksproject uitgevoerd. Er is een methode ontwikkeld om van jonge palinkjes (glasaaltjes) geschikte toekomstige ouderdieren te maken. Dat heeft afgelopen jaar al geleid tot duizenden larfjes van zeven verschillende vrouwtjes. De larfjes sterven helaas uiteindelijk nog wel omdat nog niet bekend is welk voer de diertjes nodig hebben.

De recent gestarte internationale samenwerking binnen het internationale Eel Reproduction Innovation Centre (EELRIC) zal het onderzoek verder in een stroomversnelling brengen. Twee jaar na de oprichting delen inmiddels onderzoeksinstituten uit acht Europese landen, Japan, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten hierin hun kennis om het uiteindelijke doel, het op grote schaal kweken van paling, mogelijk te maken.

De wetenschappers mikken daarbij op gecontroleerde productie van palinglarven, de ontwikkeling van goed larvenvoer en uiteindelijk het produceren van glasaaltjes. Daarmee zou de aquacultuur paling kunnen kweken zonder glasaal uit de natuur. Palingkweek biedt dan een oplossing voor de druk op het wilde palingbestand en bewerkstelligt daarmee een verdere verduurzaming van de palingconsumptie.

Over Eelric

EELRIC is een initiatief van Wageningen University & Research en Stichting DUPAN. In dit internationale kennisplatform werken wetenschappers samen om tot belangrijke doorbraken op het gebied van palingkweek te komen. EELRIC is gevestigd op de campus van Wageningen University & Research. Meer informatie is beschikbaar via eelric.eu

Over Wageningen University & Research

De missie van Wageningen University & Research is ‘To explore the potential of nature to improve the quality of life’. Binnen Wageningen University & Research bundelen Wageningen University en gespecialiseerde onderzoeksinstituten van Stichting Wageningen Research hun krachten om bij te dragen aan de oplossing van belangrijke vragen in het domein van gezonde voeding en leefomgeving. Met ongeveer 30 vestigingen, 5.000 medewerkers en 10.000 studenten behoort Wageningen University & Research wereldwijd tot de aansprekende kennisinstellingen binnen haar domein. De integrale benadering van de vraagstukken en de samenwerking tussen verschillende disciplines vormen het hart van de unieke Wageningen aanpak.

Traceerbaarheid van glasaal is wereldwijd de oplossing

Deze week schreef het Japanse Nikkei over de illegale glasaalhandel in Japan. Daarbij werd ervoor gepleit dat deze handel internationaal aan een uitgebreid onderzoek wordt onderworpen; de illegale glasaalhandel is en wereldwijd probleem.

In Japan blijkt de helft van alle verhandelde glasaal uit ongecontroleerde bronnen te komen, geïmporteerd via Hong Kong (waar lokaal helemaal geen glasaalvisserij bestaat). Dit werkt illegale handel in de hand. Ook de inspanningen van Europa, haar lidstaten en de sector, om de palingstand te herstellen worden hierdoor gefrustreerd. DUPAN sprak in november 2015 haar grote zorg uit over de steeds maar toenemende illegale handel en vroeg bij de internationale toezichthouders van CITES om strikte maatregelen.

Aal mag volgens de regels die sinds 2009 van kracht zijn alleen binnen de Europese grenzen vrij worden verhandeld. Hiermee blijft de benutting beperkt en geniet de soort bescherming. De handel van glasaal naar Azië is per definitie illegaal.

In februari 2016 gaf Alex Koelewijn namens DUPAN zijn mening over de manier waarop vanstquatoa worden vastgesteld. Lees het artikel hier.

Hij concludeerde toen: “Illegale handel en illegale visserij valt alleen te bestrijden door de traceerbaarheid waterdicht te maken. Als de autoriteiten samen met de sector de traceerbaarheid volledig weten te garanderen, door vanaf het moment van vangst een veel betere controle toe te passen, kan de illegale handel worden gestopt”.

Verduurzaming palingvisserij in de Randmeren

De palingvissers in de Visstandbeheer Commissie (VBC) Randmeren gaan vanaf 2017 vrijwillig fuiken met wijdere ringen gebruiken. Deze maatregel moet de visserij verder verduurzamen doordat meer jonge paling kan blijven zwemmen.

VBC Randmeren is een samenwerkingsverband van de beroepsvissers, sportvissers en Rijkswaterstaat op de randmeren. De VBC bepaalt in overleg met alle betrokkenen het visserijbeheer.

Vanaf 2017 worden alle fuiken die vissers gebruiken in de Veluwe Randmeren en de Zuidelijke Randmeren voorzien van het wettelijk verplichte aantal ringen waardoor palinkjes met een diameter van minder dan 13 mm kunnen ontsnappen. De beroepsvissers hebben echter besloten deze diameter te vergroten tot 16 mm. Daardoor kunnen ook de grotere jonge palingen uit de fuiken ontsnappen.

Dode alen in Randmeren roepen vragen op

Dit voorjaar zijn in het Veluwerandmeer en Nuldernauw enkele dode alen gevonden. DUPAN is van mening dat deze wetenschappelijke beoordeling nuttig is. Sterfte van zwakke dieren is in de natuur een normaal voorkomend verschijnsel. Toch acht DUPAN in dit specifieke geval dat  verder onderzoek noodzakelijk kan zijn. Het CVI in Lelystad zal een aantal daarvan onderzoeken om eventueel een oorzaak vast te stellen.

Sterfte van aal werd de laatste decennia minder waargenomen. Nu de aalstand in heel Nederland blijft aantrekken, is de kans groot dat de natuurlijke sterfte toe neemt. Bij een veel hoger aantal alen zal er in aantallen meer sterfte optreden.

Oorzaken kunnen zeer divers zijn naast virussen en parasieten spelen beschadigingen door roofdieren, scheepsschroeven en pompen van gemalen een rol. Daarnaast kan voedselgebrek dieren verzwakken waardoor weerstand afneemt en herstel niet plaats heeft. Zwakkere exemplaren zullen dan vatbaarder zijn en sneller sterven. De beperkte sterfte die nu is waargenomen baart DUPAN zorgen. DUPAN vindt dat zorgvuldigheid op zijn plaats is.

Wanneer jonge alen wordt uitgezet draagt de stichting DUPUN zorg voor 100% gezonde en vitale glas-, en pootaal. Glasaal komen uit zoutwater en de pootalen worden voor de uitzet gecontroleerd op ziekten en virussen. Daarnaast stelt DUPAN eisen aan het gebied waar herbevolkingsprojecten plaats hebben. Gezond, voedselrijk en zonder onneembare migratie-barrières zijn voorwaarden die voor zich spreken. DUPAN wenst alleen in dergelijke wateren herbevolkingsprojecten te laten plaatsvinden waarbij jonge alen losgelaten worden om uiteindelijk de uittrek van schieraal te bevorderen. Uitzet kan dan beter in het Eem-, en Gooimeer en in het zuidelijke deel van het Markermeer worden gedaan.

Zorgvuldigheid voor alles bij uitzet pootaal

Vanaf juni zet Stichting DUPAN weer pootaal uit in Zeeland. Deze uitzet van jonge aal maakt deel uit van een jaarlijks terugkerend programma om de Nederlandse aalstand te bevorderen. Dit programma wordt ondersteund door het Europees Visserijfonds en de Nederlandse overheid. Ook DUPAN financiert een deel van de kosten uit het Duurzaam Paling Fonds. In het vroege voorjaar werd in Friesland en in Zeeland al glasaal uitgezet.

Pootaal is glasaal die enkele maanden in een kwekerij heeft doorgebracht om aan te sterken. De visjes worden gedurende die periode in quarantaine gehouden. Alvorens ze worden uitgezet worden ze bij het Central Veterinary Institute ("CVI") in Lelystad aan een veterinaire keuring onderworpen. Daarbij wordt gecontroleerd op niet endemische (in de Nederlandse binnenwateren voorkomende) parasieten, bacteriën en virussen. Op het moment dat de jonge alen aan de waterkant worden afgeleverd door de kwekerij, is een expert aanwezig die ze nogmaals keurt op algehele vitaliteit.

Door dit strenge keuringsprotocol zorgt DUPAN ervoor dat de uitgezette vis gezond en sterk is. Zo wordt voorkomen dat er zwakke vis of ziektes in het water worden gebracht.

Internationale wetenschappers bundelen krachten voor palingkweek

Een internationaal gezelschap van palingexperts trof elkaar deze week in Wageningen bij het startsymposium van het Eel Reproduction Innovation Centre (EELRIC). EELRIC is een initiatief van Wageningen University & Research en Stichting DUPAN. In dit internationale kennisplatform gaan wetenschappers samenwerken om tot belangrijke doorbraken op het gebied van palingkweek te komen.

 

Het opkweken van jonge palingen in gevangenschap is een internationale wetenschappelijke uitdaging. Na decennia van onderzoek is het bij de Europese paling nog niet gelukt om verder te komen dan het stadium van larfjes. Wetenschappers slagen er maar niet in de larfjes te voeden, waardoor de jongen na enkele weken sterven. Door internationale samenwerking hopen DUPAN en Wageningen University & Research binnen afzienbare tijd een oplossing te vinden.

Het doel van de internationale samenwerking is het op grotere schaal kweken van palingen. Palingkweek biedt zo een oplossing voor de druk op het wilde palingbestand. Ook wordt verdere verduurzaming van de palingconsumptie bewerkstelligd. “Glasaal kweken kan, maar is een enorme wetenschappelijke uitdaging. Het is nodig de krachten van alle experts in de wereld te bundelen. EELRIC is de plaats waar men samen aan de slag gaat”, aldus Martin Scholten, algemeen directeur Animal Sciences Group van Wageningen University & Research.

 

Meer informatie over EELRIC: www.eelric.eu

Paling over de Dijk van start

HARLINGEN | 8 okt. 2016.

Afgelopen zaterdag werd in Friesland een recordhoeveelheid van 1017 kilo schieraal – ofwel ruim duizend stuks – over de dijk gezet. Daarmee is het project “Paling over de Dijk” 2016 officieel gestart. Bij dit belangrijke moment waren vertegenwoordigers aanwezig vanuit gemeente, provincie, sportvisserij en de palingsector.

Er wordt sinds eind augustus paling over de dijk gezet in totaal zes provincies (Friesland, Noord-Holland, Utrecht, Gelderland, Noord-Brabant en Zeeland). Beroepsvissers vangen de geslachtsrijpe palingen (schieralen) vlak voor de pompen van gemalen en waterkrachtcentrales weg en zetten deze achter de waterbarrières weer uit, waardoor ze kunnen ontsnappen naar open zee. Zo kunnen de palingen voor nageslacht zorgen en komt er uiteindelijk weer meer jonge paling naar Nederland. Want zolang de onneembare waterbarrières niet worden aangepast, kunnen ze er niet zelf langs en zijn ze voor overleving en voortplanting afhankelijk van menselijke hulp.

Tot nu toe werd alle uitgezette schieraal gevangen bij een migratieknelpunt: meestal zijn dat gemalen en waterkrachtcentrales. Dit jaar is echter voor het eerst schieraal uitgezet die niet voor migratieknelpunten is gevangen, maar gevangen is door Friese beroepsvissers binnen hun eigen quotum. Deze vis is in principe gevangen om verkocht te worden aan de vishandel, maar dit jaar hebben de Friese Bond van Binnenvissers en DUPAN afspraken gemaakt om 1.000 kilo schieraal uit dat quotum te halen en uit te zetten. Met een productie van miljoenen eitjes per kilo schieraal kan deze uitzet een grote bijdrage leveren aan de hoeveelheid jonge paling die over een half jaar wordt geboren: de schieraal doet er waarschijnlijk 6 tot 12 maanden over om van Nederland naar de 5.000 kilometer verderop gelegen paaigronden in de Sargassozee te zwemmen.

De geplande 1.000 kilo werd ruim gehaald en de kwaliteit van de schieraal bij de uitzet was zonder uitzondering prima: levendige vissen die meteen de diepte opzochten om de Waddenzee op te zwemmen. In totaal hebben acht Friese beroepsvissers de schieraal geleverd. Het project Paling over de Dijk duurt nog tot eind november 2016. 

Samenwerkende organisaties
In dit project werkt Stichting DUPAN samen met:

  • Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier
  • Waterschap Amstel, Gooi en Vecht
  • Waternet
  • Wetterskyp Fryslân
  • Hengelsportvereniging Hollands Kroon
  • HSV Het Snoekje
  • Sportvisserij Midden-Nederland
  • Sportvisserij Zuidwest-Nederland
  • Sportvisserij Friesland
  • NUON
  • Waterbedrijf Evides
  • Staatsbosbeheer, regio Zeeland
  • Rijkswaterstaat
  • Ministerie van EZ

Palingen geboren op campus Wageningen UR

Wageningen University & Research Centre boekt snelle vooruitgang in onderzoek naar kunstmatige voortplanting van paling

Na slechts een half jaar voorbereidingstijd zijn wetenschappers van Wageningen UR er op de Campus in Wageningen in geslaagd palinglarven geboren te laten worden. Dat is bijzonder omdat paling zich in gevangenschap niet voortplant: het lukt tot nu toe alleen op laboratoriumschaal en de larven blijven niet in leven. De Wageningse universiteit wil de benodigde kennis ontwikkelen om palingen in gevangenschap volledig te laten opgroeien.

Stichting DUPAN is in samenwerking met Wageningen UR en het Ministerie van Economische Zaken een meerjarig onderzoek gestart naar de voortplanting van Europese paling. DUPAN en Wageningen UR hebben daartoe het ‘Eel Reproduction Innovation Centre’ EELRIC opgericht dat een platform is om de succesvolle voortplanting van de aal te mogelijk te maken en dat als thuisbasis moet gaan dienen voor een internationaal consortium van partners die samenwerken om doorbraken te forceren.

Het recente succes is niet incidenteel: Inmiddels zijn van de laatste vier moederdieren larven verkregen die tot 8 dagen lang in leven zijn gebleven. Bovendien zijn niet alleen larven verkregen van wilde palingen maar ook van een paling van de kwekerij. De vooruitgang die de wetenschappers nu boeken biedt hoop op een snelle oplossing voor één van de grootste mysteries in de dierenwereld. Sinds decennia proberen wetenschappers over de gehele wereld om palingen in gevangenschap voort te laten planten, maar worden telkens geconfronteerd met vroegtijdige sterfte van de jongen: men weet niet wat ze eten.

Het onderzoek in Wageningen richt zich op het voorspelbaar en daarmee beheersbaar maken van de voortplanting. De wetenschappers proberen het protocol te verbeteren zodat de verkregen larven sterk genoeg zijn en voedsel eten om op te groeien tot gezonde jonge palingen. 

Herbevolking met jonge paling in Duitsland

Voor de vijfde keer op rij heeft de Duitse hengelsportvereniging Bremerhaven-Wesermünde jonge palingen uitgezet in de rivieren de Lune en de Roer. De vereniging gaf €32.500 uit om de 150.000 vissen uit te kunnen zetten. Sinds Bremerhaven-Wesermünde met de actie begon zijn er ongeveer 650.000 alen uitgezet. De fondsen daarvan komen van verschillende sponsors, visverwerkingsbedrijven en het Duitse Aal Initiativeeen stichting die werkt aan het herstel van de palingstand in Duitsland en de evenknie van DUPAN binnen de samenwerking van Eel Stewardship Association.
 

Internationale deskundigen hekelen RADAR-uitzending

Vanuit de samenwerkende internationale wetenschappers, natuurorganisaties en bedrijfsleven is met afkeuring gereageerd op de manier waarop TV-programma RADAR zich heeft laten bespelen door het Wereld Natuur Fonds en de Good Fish Foundation.

Voorzitter Andrew Kerr van de Sustainable Eel Group hekelt de handelswijze van de Nederlandse milieuclubs: “in Nederland weigeren WNF en Good Fish Foundation al vijf jaar categorisch om de samenwerking aan te gaan. Iets wat op Europees niveau sinds 2010 wél gebeurt. En juist de Nederlandse sector heeft zich de afgelopen 5 jaar als een gidsland opgesteld als het gaat om beperking van visserij en effectieve hulp om de palingstand versneld te verbeteren.”

In de RADAR-uitzending pleiten milieuorganisaties opnieuw voor het stilleggen van de sector. Dat zou de snelste methode zijn om de paling te beschermen. Andrew Kerr: “het is juist mede dankzij de sector dat er paling in Europa kan leven. Zonder hun hulp kan paling hier niet overleven, omdat de kusten hermetisch zijn afgesloten. Door de uitzet van tientallen miljoenen palinkjes per jaar moet de palingstand op peil worden gebracht. De overheid en de sector investeren miljoenen per jaar in het herbevolken met jonge paling, wetenschappelijk onderzoek en het passeerbaar maken van waterbarrières.”

Wat gebeurt er als de sector haar activiteiten stopt? Andrew Kerr: “dan komen er te weinig jonge palinkjes Europa binnen en kunnen er onvoldoende volwassen dieren zich voortplanten in de oceaan. De palingstand zal dan juist een daling laten zien. Stoppen van de sector zoals WNF wil heeft een wetenschappelijk aantoonbaar, averechts effect. Alle internationale kennis op het gebied van paling is heeft zich verzameld rondom de Sustainable Eel Group en de wetenschappelijke adviesorganen van ICES, IUCN en CITES. Het Wereld Natuur Fonds maakt zich met haar – in het geheel niet onderbouwde advies – dan ook volstrekt belachelijk.”

Het Wereld Natuur Fonds beweert dat paling met uitsterven is bedreigd en zich op een kritieker niveau bevindt dan de Panda.

Andrew Kerr: “De grootste nonsens die wij als deskundigen ooit hebben gehoord. Paling sterft niet uit, er zijn er simpelweg te veel van. In de Golf van Biskaje in Frankrijk alleen al zijn dit seizoen meer dan een miljard jonge palingen aangekomen. Daarvan hebben de Fransen er 150 miljoen opgevangen voor uitzet in andere Europese landen. Paling is dan ook geen Nederlands issue maar internationaal.”

“Bovendien mag wat WNF zegt niet. In de IUCN-ranglijst van bedreigde diersoorten staat letterlijk dat het onderling vergelijken van diersoorten aan de hand van hun positie op de lijst niet kan. Ook beschrijft de lijst dat goed beheer van een soort kan leiden tot verbetering van de populatie. Dat is precies wat er in Europa gebeurt. De milieuclubs in Nederland frustreren met hun tendentieuze geroep het vele goede werk dat op juist in Nederland en op internationaal niveau wordt gedaan.”