Ruim 4.600 palingen veilig ‘over de dijk’ gezet

Het pilot project ‘Paling Over De Dijk’ is na drie maanden afgerond. In die tijd werden ruim 4.600 palingen met fuiken opgevangen, voor elf gemalen in Noord-Holland en Zeeland. Direct daarna werden de palingen 'over de dijk' losgelaten. Daardoor konden ze onbeschadigd naar hun paaiplaats in de oceaan trekken. Gemalen, dammen en dijken vormen barrières voor trekvissen. Palingen kunnen deze hindernissen zonder hulp moeilijk ongeschonden passeren.

Het is belangrijk dat de palingen gedurende het trekseizoen onbeschadigd weg kunnen trekken. Een geslachtsrijpe schieraal kan enkele miljoenen palinglarven produceren. De ouderdieren zijn belangrijk voor de ontwikkeling van de palingstand. Als er te weinig van deze volwassen palingen uittrekken, heeft dat een negatief effect op de intrek van jonge palinkjes, ofwel glasaal, in ons land. De palingstand in Nederland en elders in Europa baart al jaren zorgen. Stichting DUPAN heeft als initiatiefnemer van dit project aangetoond dat, zolang de barrières niet voor trekvissen zijn aangepast, het over de dijk helpen van volwassen paling een goede oplossing is.

Pilot-project

Het is voor het eerst dat er op deze grote schaal paling met menselijke hulp werd overgezet. Dit pilot-project vond plaats in de periode, waarin het voor beroepsvissers verboden is op paling te vissen. Zij kregen speciaal voor dit project een ontheffing van het Ministerie. Er was gedurende de hele periode 100% controle daarmee kreeg elke opgevangen paling vrije aftocht.

 

Alex Koelewijn, voorzitter van DUPAN, kijkt tevreden terug: “Er zijn natuurlijk ruim vierenhalf duizend palingen langs de gemalen geholpen. Die zijn op dit moment geheel ongehavend op weg naar hun paaigronden in de oceaan. Maar een van de hoofddoelen van dit project was om ‘uit te vissen’ of het praktisch mogelijk zou zijn, om paling letterlijk en figuurlijk over de dijk te zetten. De samenwerking met verschillende partijen is heel goed verlopen. DUPAN hoopt dan ook dit het project in 2013 te kunnen opschalen en daarmee de 20 belangrijkste knelpunten voor paling op te heffen. Door juist op die plaatsen paling 'over de dijk' te zetten kunnen we een groot deel van het leefgebied van de paling ontsluiten”

 

Samenwerkende organisaties

In Noord-Holland werd dit project mede mogelijk gemaakt door het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en Sportvisserij Mid-West Nederland. In Zeeland werd dit project mede mogelijk gemaakt door de provincie Zeeland, het waterschap Scheldestromen en Sportvisserij Zuid-West Nederland. Verder waren betrokken de Visstand Beheer Commissie Hollands Noorderkwartier, de Noordhollandse Bond van Binnenvissers, de Federatie van Beroepsvissers Zuidwest Nederland, het ministerie van EL&I en de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA). De coördinatie van het project en de financiering van de visserij werden verzorgd door DUPAN.

 

Achtergrondinformatie

 

Vangstgegevens pilot-project ‘Paling Over De Dijk‘
in Noord-Holland en Zeeland

In Noord-Holland is in de periode 1 september tot 1 december op 4 plaatsen gevist en zijn in totaal 151 keer de fuiken gelicht. De totale vangst in Noord-Holland bestond uit 4056 schieralen met een totaal gewicht van 2480 kilo. De gemiddelde vangst per fuikenlichting in Noord-Holland was 27 stuks met een gewicht van 16 kilo. Het gemiddelde gewicht van de schieralen was in Noord-Holland 611 gram.

In Zeeland is in de periode 1 september tot 1 december op 7 plaatsen op schieraal gevist en zijn in totaal de fuiken 105 keer gelicht.  De totale vangst in Zeeland bestond uit 553 schieralen met een totaal gewicht van 562 kilo. De gemiddelde vangst per fuikenlichting in Zeeland was 5 stuks met een gewicht van 5 kilo. Het gemiddelde gewicht van de schieralen in Zeeland was 1016 gram.

In totaal zijn er door het project 4609 schieralen over de dijk gezet, met een gezamenlijk gewicht van 3042 kilo en met een gemiddeld gewicht van 660 gram per stuk.

ICES advies helpt de paling niet

 

Het bericht dat ICES afgelopen week heeft doen uitgaan over de toestand van de palingstand, heeft geen nieuwe inzichten geleverd over het herstel van de palingstand. Omdat er geen nieuwe wetenschappelijke gegevens beschikbaar zijn, handhaaft ICES haar standpunt uit 2012 ook voor 2013. ICES-wetenschapers adviseren niet op paling te vissen, totdat bewezen is dat de palingstand zich weer herstelt. Een advies waarmee de paling volgens DUPAN niet geholpen is.

 

Oorzaak te lage palingstand

De palingstand in ons binnenwater is zo laag, doordat jonge paling ons land niet in kan. Onze kusten zitten nagenoeg dicht. Paling wordt op de oceaan geboren. Ze trekt van het zoute naar het zoete water om daar een aantal jaren op te groeien. Maar jonge paling kan ons land niet in. En als volwassen paling weer naar de oceaan wil om hun beurt voor nageslacht te zorgen, kan ze er niet meer uit.

 

Nu actie ondernemen is noodzakelijk

ICES zegt dat de palingstand nog steeds in gevaar is en dat onmiddellijke actie noodzakelijk is om tot verbetering te komen. “Urgent action is needed” schrijft ICES in haar persbericht. Deze oproep tot actie hebben de Nederlandse natuurorganisaties de laatste jaren vertaald in beleid dat is gericht op niets doen. “Blijf van de paling af, dan komt het vanzelf weer goed”, zo is hun redenering. Maar de paling heeft nu onze hulp nodig. Ze kan ons land niet in of uit. Dijken, sluizen en gemalen belemmeren palingen de doortocht. Daarom is DUPAN vanaf 2010 gestart met het handmatig helpen van de paling. Geen woorden, maar daden dus!

 

Paling een handje helpen

Terwijl DUPAN met geld uit de palingsector, en van overheden en een aantal NGO’s, de paling in een groot aantal projecten helpt in-en uittrekken, blijven tegenstanders roepen dat niets doen beter is. Waarschijnlijk, omdat het makkelijk uit te leggen is aan de consument, dat je een bedreigde soort met rust moet laten. Maar zonder hulp van de mens, redt de paling het niet! De mens heeft hem tenslotte zelf het in- en uittrekken onmogelijk gemaakt. Dat een dier gered kan worden met behulp van commerciële partijen is misschien lastig uit te leggen. Maar het pilot-project ‘Paling Over De Dijk’ dat van september tot december 2012 in twee provincies werd uitgevoerd, bewijst dat het werkt. Beroepsvissers, sportvissers, waterbeheerders en provincies lieten zien, dat geslachtsrijpe palingen volop naar zee kunnen trekken, als we ze een handje helpen.

 

Wetenschappelijk bewijs ontbreekt

“Er is geen wetenschappelijk bewijs dat de duurzaamheidsmaatregelen van de sector werken”, zo is de redenering van de natuurorganisaties. Een deel van die kennis is sinds kort echter wel beschikbaar (zie de DUPAN-website, onderzoek Valkenswaard). De Stichting DUPAN en wetenschappers (waaronder diezelfden die verbonden zijn aan ICES), werken aan de completering van het bewijsmateriaal. Wetenschappelijk bewijs, dat gaat aantonen dat de mens zelf de balans kan herstellen tussen voedselvoorziening en natuur. Een duurzame handelswijze, die niet uniek is voor paling, maar voor zovele dierensoorten geldt. 

Start pilot-project "Paling Over De Dijk"

Woensdag zijn in Zaandam bij het Zaangemaal en in Kerkwerve op Schouwen-Duiveland bij de Prommelsluis de officiële starthandelingen verricht voor het pilot-project Paling Over De Dijk. Met dit project wordt de groei van de palingstand in Nederland gestimuleerd.

Beroepsvissers van de Noordhollandse Bond van Binnenvissersen van de Federatie van Beroepsvissers Zuidwest Nederlandvingen de geslachtsrijpe paling vlak voor de pompen van de gemalen weg met fuiken en zetten ze achter de waterbarrière weer uit. Dit gebeurt de komende drie maanden tot eind november een aantal keren per week, bij van vier gemalen in Noord-Holland en zeven in Zeeland. Daardoor kan de paling tijdens het trekseizoen ontsnappen naar open zee en voor nageslacht zorgen. Op die manier kan er uiteindelijk weer meer jonge paling in Nederland komen.

Bij de Prommelsluis in Kerkwerve wordt de paling bij Bram van den Hoek  aan boord gehaald.

 

Gedeelde verantwoordelijkheid

De gezamenlijke gebruikers en beheerders van ons binnenwater (beroepsvissers, sportvissers, waterschappen, provincies) zijn bezorgd over de te lage stand van paling in de binnenwateren van Nederland. Zolang de waterbarrières niet zijn aangepast en paling er zelf niet langs kan, wordt met het project "Paling Over De Dijk" een belangrijke bijdrage geleverd aan het herstel van de paling als soort.

Het project wordt breed gedragen door partijen die zich om de gesteldheid van het binnenwater bekommeren. Provincies, waterschappen en regioafdelingen van Sportvisserij Nederland onderstreepten het belang van goede mogelijkheden voor trekvissen om van zoet naar zout water te zwemmen.

 

Samenwerkende organisaties

In Noord-Holland wordt dit project mogelijk gemaakt via een  subsidie van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (de kosten van het uitvoeringsplan) en  Sportvisserij Midwest Nederland (vergoeding van de controlekosten). In Zeeland wordt dit project mede mogelijk gemaakt door subsidies van de provincie Zeeland en het waterschap Scheldestromen en Sportvisserij Zuidwest Nederland die 75% van de controlekosten draagt. Stichting DUPAN draagt financieel bij met o.a. een vergoeding voor de uitvoerende vissers.

Overige partners bij dit pilotproject zijn de Visstand Beheer Commissie Hollands Noorderkwartier, de Noordhollandse Bond van Binnenvissers, de Federatie van Beroepsvissers Zuidwest Nederland , het ministerie van EL&I en de Nederlandse Voedsel  en Warenautoriteit (NVWA).  De coördinatie van het project wordt verzorgd door DUPAN.

Bij het Zaangemaal in Zaandam levert Arnold Werkhoven zijn schieraal af bij de BOA die de vangsten nauwgezt registreert.

100% controle

Het project kende in de ontwerpfase een extra moeilijkheid: de schieraal moet worden gevangen in de 'gesloten periode'. Van september tot en met november mag er in Nederland niet op paling worden gevist. Om het vissen op schieralen toch mogelijk te maken, betekende dit dat het ministerie een ontheffing van het vangstverbod voor deze periode moest afgeven. Door een 100% controle in de projectopzet kon het ministerie de ontheffing verlenen. Sportvisserij in Noord-Holland en Zeeland nemen de controles voor hun rekening. Dat betekent dat bij elke lichting van een fuik door een beroepsvisser, een controleur aanwezig is. Gezamenlijk tellen, meten en wegen zijn de gevangen schieralen en zorgen zij voor vastlegging op een registratieformulier. Zodoende ontstaat bij afronding van het project een gedetailleerd beeld van schieraalvisserij.

SEG werkt internationaal aan verbetering palingstand

SEG – Sustainable Eel Group – werkt internationaal aan de verbetering van de palingstand. Bekijk in deze Engelse film hoe met hulp van Europa op internationaal vlak wordt samengewerkt door handel, visserij en kwekerij. Hoe grote hoeveelheden jonge paling (glasaal) uitgezet kunnen worden om bij te dragen aan een duurzaam herstel van de palingstand. Bekijk de film hier.

 

Sector zet 400.000 jonge palingen uit in Friesland

Delfstrahuizen, 12 juni 2012 – Vandaag zijn in het Friese Tjeukemeer en Sneekermeer  400.000 pootaaltjes uitgezet. Dat gebeurde in het kader van het herstelproject ‘Uitzet glas- en pootaal’ dat door het Productschap Vis wordt geleid. Kinderen van een basisschool die onlangs het nieuwe lesmateriaal over ‘het mysterie van de paling’ hebben behandeld in de klas, waren aanwezig voor deze ‘praktijkles’. Bekijk hier de uitzending van SBS6

Maar liefst 1200 kilo jonge palingen (pootaaltjes) werd verdeeld over het Friese Tjeukemeer (300.000 stuks) en Sneekermeer (100.000 stuks). De Friese wateren zijn gekozen vanwege het schone water en bodem en de mogelijkheid voor vrije uittrek van de aal.Met het uitzetten van de pootaal wordt een verbeterde uittrek van schieraal beoogd en daarmee een verbetering van de voortplanting, zodat er weer genoeg glasaal op een natuurlijke manier ons land binnen kan zwemmen. Volgens rekenmodellen zullen drie van de zeven pootaaltjes het tot volwassendom brengen. De rest wordt bijvoorbeeld  opgegeten door andere vissen of aalscholvers. Er overleven dus zo'n 175.000 palingen. Daarvan wordt veelal tweederde een ‘mannetje’ en éénderde een vrouwtje. Ieder vrouwtje dat naar de paaigronden zwemt kan ruim een miljoen larven produceren.

Alex Koelewijn van DUPAN en een scholier van De Trieme uit Sintjohannesga

Visser Ep Visser nam de palingen aan boord. Een schoolklas van basisschool De Trieme uit Sintjohannesga hielp met de tewaterlating van de duizenden palingen. Zij waren onlangs de eerste klas die het nieuwe lespakket ‘Lars en Liz en het mysterie van de paling’ op school hebben behandeld. Na de les in de klas volgde voor hen dit informatieve practicumgedeelte.  De lesbrief met docentenhandleiding zal vanaf komend schooljaar landelijk kunnen worden gebruikt door docenten van groepen 7 en 8 op basisscholen.

Voor een gezonde toekomst van de paling zijn de meest effectieve beheermaatregelen noodzakelijk. Uitzet van pootaal is er daar een voorbeeld van, net als de uitzet van de kleinere glasaal en het naar zee terugbrengen van geslachtsrijpe paling. "Paling kan zichzelf niet redden. We hebben de kust zo goed beschermd, dat jonge paling Nederland nauwelijks in kan en volwassen paling kan er niet meer uit. Daarom helpt de vissector deze palingen", aldus Bart Bruggeman, voorzitter van het Productschap Vis.

De uitgezette pootaal is afkomstig van glasaal die voor riviermondingen in Frankrijk en Zuid-Engeland is weggevangen en die in een Nederlandse  kwekerij enkele maanden is opgekweekt om hem weerbaarder te maken. Duits onderzoek laat zien dat de overlevingskans in de natuur daarmee wordt vergroot.  Wanneer zij is opgegroeid tot volwassen dieren (de zogenaamde schieralen), kunnen ze vrij uitzwemmen naar de paaigronden in de Sargasso Zee om voor nageslacht te zorgen.

Deze uitzet is mede mogelijk gemaakt door het ministerie van EL&I in het kader van het Nederlandse Operationeel Programma ‘Perspectief voor een duurzame visserij’. Voor het bijdragen aan het herstel van de palingstand door het uitzetten van jonge paling heeft de Nederlandse overheid een bedrag van 1,5 miljoen euro gereserveerd. In de periode van 2010 – 2013 wordt jaarlijks € 375.000 beschikbaar gesteld. Het project is medegefinancierd uit het Europees Visserijfonds en wordt gecoördineerd door het Productschap Vis in samenwerking met de Stichting DUPAN.

De befaamde paling-aak Korneliske Ykes II

 

Bekijk hier de uitzending van SBS6

Nieuwsbrief DUPAN JournAAL nr 5 is uit!

De nieuwsbrief over ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid 
in de palingsector. In dit nummer:
- Tweede Kamerleden op werkbezoek
- 1,5 miljoen extra palinkjes in de natuur
- Kweekpaling gedijt goed in de natuur
- Sector omarmt internationale standaard duurzaamheid
- Tweede kamer vrijwel unaniem achter Paling-over-de-dijk

Wij wensen u veel inspiratie en leesplezier! Klik hier.

Tweede Kamerleden op werkbezoek bij palingsector

Leden van de Tweede Kamer waren 23 maart te gast bij de Stichting DUPAN. Tijdens een werkbezoek aan Palingrokerij Klooster in Enkhuizen, stelden zij zich op de hoogte van de verschillende initiatieven van de palingsector op weg naar duurzaamheid.

Kamerleden Ad Koppejan (CDA), Elbert Dijkgraaf (SGP) en Henk van Gerven (SP) werden geïnformeerd over wetenschappelijk onderzoek, duurzame vangst- en productiemethodes en het Duurzaam Paling Fonds, waarmee dit jaar het paling-over-de-dijk-programma wordt meegefinancierd.

Paling-over-de-dijk

Veel interesse was er bij de Kamerleden voor het programma waarbij de natuurlijke  migratie van paling door de sector wordt geholpen. Beroepsvissers helpen daarbij de paling over de waterbarrières. In kwekerijen opgegroeide jonge paling wordt uitgezet in gebieden waar deze goed kan opgroeien. Volwassen, geslachtsrijpe paling (schieraal), wordt in de buurt van barrières, zoals gemalen en waterkrachtcentrales, opgevangen, en uitgezet in water van waaruit zij vrij kunnen uitzwemmen naar zee om voor nageslacht te zorgen. De stichting DUPAN financiert dit programma uit het Duurzaam Paling Fonds. DUPAN doet een appel op waterbeheerders, energiemaatschappijen, natuurorganisaties en sportvissers, om dit programma te ondersteunen. Via een breed gedragen motie in de Tweedekamer hoopt DUPAN in elk geval of ondersteuning vanuit het Europese Visserij Fonds.

Wetenschappelijk onderzoek

In samenwerking met de vereniging Kust & Zee, worden op dit moment balansberekeningen gedaan. Dit onderzoek moet uitwijzen, hoeveel paling een kwekerij moet uitzetten in de natuur, om het gebruik van uit de natuur afkomstige glasaal te compenseren. Op die manier kan de kwekerij het effect het onttrekken van paling uit de natuur compenseren of zelfs positief laten zijn. Daarnaast is er subsidie aangevraagd voor onderzoek naar de overleving van gekweekte paling, waarbij sterftefactoren worden meegewogen, zoals natuurlijke vijanden en vangst met een haak door sportvissers. Tot slot vroeg DUPAN om subsidie voor de invoering van een integraal keten beheersysteem (IKB Paling), waarmee de volledige vangst en handel in paling beheersbaar wordt.

Kamerleden en fractiemedewerkers zien hoe paling van het Duurzaam Paling Fonds wordt verwerkt.
 

Kweekpaling gedijt goed in de natuur

Uit resultaten van wetenschappelijk onderzoek blijkt dat paling die in kwekerijen is opgegroeid en na enkele maanden in het buitenwater wordt uitgezet, zich prima weet te redden. Jonge opgekweekte palingen schakelt eenmaal uitgezet direct over op natuurlijk voedsel. Ook blijkt uit de groeicijfers dat de jonge opgekweekte palingen het even goed doen als hun soortgenoten die niet in kwekerijen zijn opgegroeid. De uitkomsten zijn goed nieuws voor DUPAN die werkt aan een sneller herstel van de palingstand in Nederland door middel van o.a. uitzet van opgekweekte paling.

YouTube:Onderzoeksfilm onderzoek met beelden onderzoek en uitslagen Link: http://youtu.be/FrcwJJWdJTY

 

Katalysator voor herstel van de palingstand
Indien het lukt om met opgekweekte paling de meest kwetsbare levensstadia te passeren voordat paling wordt uitgezet, dan kunnen kwekerijen als katalysator dienen voor het herstel van de palingstand. De uitkomsten van het onderzoek vormen daarom belangrijke informatie voor herstelprogramma’s rond de uitzet van glas- en pootaal. Daarnaast bieden de resultaten perspectieven voor de verduurzaming van de palingvisserij en de invulling van het ‘Decentraal Aalbeheer’.

Onderzoeksopzet
In 2011 zijn in grote vijvers met natuurlijke omstandigheden jonge palingen uitgezet.  Onderzocht is hoe jonge, opgekweekte paling (pootaal) en  wilde,  jonge paling  (glasaal) opgroeien in de natuur. Daaruit bleek dat zowel glasaal als opgekweekte paling in de natuur goed weten te overleven: meer dan 90% van beide soorten was na een half jaar nog in leven. Bovendien bleken beide soorten flink gegroeid: de glasalen van gemiddeld 6,7 naar 19,4 cm en de pootalen van gemiddeld 18,4 naar 23,9 cm. Dat betekent een groei van respectievelijk 12,7 en 5,5 cm in een half jaar. Het onderzoek toont bovendien aan dat opgekweekte jonge palingen gemakkelijk overschakelen op natuurlijk voedsel.

Vervolgonderzoek
Om te kunnen bepalen of opgekweekte jonge paling in de natuur ook betere overlevingskansen heeft dan natuurlijke glasaal, heeft de stichting DUPAN subsidie voor vervolgonderzoek aangevraagd. Dit onderzoek zal ook belangrijke natuurlijke sterftefactoren meenemen, waarbij de uitkomsten van het nu afgeronde onderzoek als 0-meting zullen dienen.

Subsidie
De Stichting DUPAN kreeg van het Ministerie van EL&I innovatiesubsidie voor dit 250.000 euro kostend onderzoek. De subsidie werd verstrekt in het kader van de regeling Innovatie in de visserijketen. Van de subsidie is 30% gefinancierd door het Europees Visserij Fonds (EVF). De Stichting DUPAN, die het initiatief nam, droeg 50.000 euro bij. Het onderzoek werd begeleid door een wetenschappelijke adviescommissie, bestaande uit IMARES (Wageningen University & Research Centre) Witteveen+Bos, NIOS en Aquaculture Experience. De uitvoering vond plaats bij Viskweek Centrum Valkenswaard.

Onderzoekers vangen de flink gegroeide palingen op uit de proefvijvers

Europees certificaat duurzaamheid Nederlandse palinghandel

Palingrokerij Vlug uit Broek op Langedijk ontving afgelopen woensdag in Londen het Sustainable Eel Standard (SES)-certificaat. Hiermee is Vlug het eerste Nederlandse palingbedrijf dat aan de strenge eisen van deze duurzaamheidstandaard voldoet. 19 van de 21 Nederlandse handelaren volgen nog dit jaar.

 

De regels voor de standaard zijn vorig jaar door de Sustainable Eel Group (SEG) in Londen gepresenteerd. SEG bestaat uit gerenommeerde palingwetenschappers en milieuorganisaties, waaronder het Environment Agency en de Association of Rivers Trust. De standaard is ontwikkeld voor zowel glasaalvisserij, palingkweek als palingverwerking en stelt regels aan onder andere visserijmethoden. Met deze regelgeving worden sterfte en bijvangsten van de glasaalvisserij sterk gereduceerd. Daarnaast stelt de standaard eisen aan de palingpopulatie in het vangstgebied en de bedrijfsvoering van de bedrijven.


Vergelijkbaar met MSC

MSC richt zich op de duurzaamheid van soorten die in zee leven. Paling heeft een complexe levenscyclus en met een kwart van de aarde een immens groot leefgebied. Omdat paling een groot deel van haar leven in zoetwater doorbrengt is de Sustainable Eel Standard speciaal voor de paling ontwikkeld. De criteria in de SES voldoen volledig aan het Europees Aal Herstelplan.

 

Vrijwel gehele sector gecertificeerd

De Stichting DUPAN heeft deze week in Londen afspraken gemaakt om in 2012 alle leden van de Nederlandse Vereniging van Palinghandelaren (NeVePaling) te laten certificeren.

Daarmee zullen dit jaar nog 19 van de 21 Nederlandse palinghandels- en verwerkingsbedrijven voldoen aan de Sustainable Eel Standard. De Nederlandse palingbedrijven zullen voor de SES-certificering onderworpen worden aan strenge keuringen door een onafhankelijk Brits certificeringsbureau Stichting DUPAN zal de certificering van de bij de NeVePaling aangesloten palinghandelaren in zijn geheel financieren.

NeVePaling secretaris Jac Tijsen neemt het certificaat van Palingrokerij Vlug in ontvangst van SEG voorzitter Andrew Kerr.

Palinghandel sluit zich aan bij Duurzaam Paling Fonds

Limmen, 2 januari 2012. Vanaf vandaag zijn alle leden van de Nederlandse Vereniging van Palinghandelaren (NeVePaling) over gegaan op de verkoop van paling van het Duurzaam Paling Fonds. Daarmee conformeren zij zich aan de door Stichting DUPAN voorgeschreven duurzaamheidsregels en dragen zij, via de verkoop van deze paling, bij aan het Duurzaam Paling Fonds.

NeVePaling voorzitter Koelewijn licht toe: "De beslissing om op de verkoop van deze paling over te gaan, heeft alles te maken met het verantwoordelijkheidsgevoel van onze leden. Stuk voor stuk bedrijven die al generaties lang in dit vak zitten en allemaal met grote liefde voor de paling. De palingstand is de afgelopen decennia afgenomen door tal van oorzaken onder andere door de achteruitgang van de bereikbaarheid en beschikbaarheid van leefgebied. In heel Europa, ook in Nederland, kan de jonge paling -glasaal- die aan de kust komt het noodzakelijke zoete binnenwater niet bereiken en kan de volwassen -schieraal- niet vrij haar terugreis naar de Sargassozee om te paaien. Overal zijn die routes afgesloten, juist daarom moet de mens de paling een handje helpen.

Het Duurzaam Paling Fonds is opgericht om de palingstand op duurzame wijze te herstellen. Het geld uit dit fonds wordt ingezet om jonge palingen naar geschikt leefgebied te helpen, volwassen palingen (schieraal) zonder hindernissen aan de reis naar hun geboortegrond te laten beginnen en wetenschappelijk onderzoek mogelijk te maken. Stichting DUPAN bepleit verder duurzame en diervriendelijke vangst-. en verwerkingsmethoden. Maatregelen waarmee, samen met gedegen wetenschappelijk onderzoek, de meest effectieve maatregelen voor herstel van de palingstand getroffen kunnen worden. De keus is aan de consument.” Paling van het Duurzaam Paling Fonds is herkenbaar aan het blauwe logo op de verpakking.